Chiropractie – verdieping
Wat is chiropractie?
Veterinaire Chiropractie is de wetenschap, (diergenees)kunst en filosofie die zich richt op een goede gezondheid door het herstellen en onderhouden van het goed functioneren van het neuromusculaire systeem door middel van manipulatie van de wervelkolom en de extremiteiten.
In andere woorden: chiropractie herstelt de beweeglijkheid van het voortbewegingapparaat. Dit bestaat uit het skelet waaronder de wervelkolom en de spieren, pezen en ligamenten met hun zenuw- en bloedvoorziening.
Chiropractie houdt zich bezig met afwijkingen binnen het normale bewegingsbereik van gewrichten. Afwijkingen die kunnen optreden zijn:
- een verminderde beweeglijkheid
- vastzitten in de neutrale positie
- vastzitten in een scheve stand
Deze afwijkingen worden binnen de chiropractie vertebrale subluxatie complexen (VSC’s) genoemd, maar vaak eenvoudig als blokkade aangeduid. Het gaat bij chiropractie dus om functionele problemen binnen het normale bewegingsbereik van gewrichten. Hierdoor zijn chiropractische blokkades op röntgenfoto’s meestal niet zichtbaar te maken.
Bewegingsbeperkingen leiden tot veranderingen in de zenuwen, bloedvaten, spieren en het bindweefsel, wat een ontstekingsreactie oproept. Dit geeft weer aanleiding tot histopathologie (aantasting van weefsel) en biochemische reacties.
Met chiropractie worden deze bewegingsbeperkingen gevonden en verholpen, waardoor de hele keten zich kan herstellen.
Wetenschappelijke onderbouwing
Veterinaire chiropractie is een wetenschap, omdat het gebaseerd op een gedegen kennis van de anatomie, fysiologie, neurologie (leer van het zenuwstelsel) en kinesiologie (bewegingsleer).
Het functioneren van het lichaam is voor een belangrijk deel afhankelijk van goede informatievoorziening via het zenuwstelsel. Dit noemen we de innervatie.
Alle activiteit begint in de hersenen. Bepaalde hersengebieden zetten specifieke processen in werking. De informatie wordt aan de rest van het lichaam doorgegeven via hetzij het bloed door middel van hormonen, hetzij via zenuwen door middel van elektrische impulsen. De zenuwen lopen via het ruggenmerg en verlaten de wervelkolom via openingen tussen de wervels, de formamina intervertebralia.
Zij splitsen zich op en innerveren de weefsels en organen die bij dat stukje (segment) van het zenuwstelsel horen: huid, spieren, klieren, organen, bloedvaten en gewrichten.
Wanneer de wervelkolom de normale beweeglijkheid verliest, wordt de geleiding van zenuwimpulsen belemmerd en krijgen de genoemde weefsels dus niet alle en niet de juiste informatie. Hierdoor raken ze in hun functie gestoord. Zo krijgt een spier niet meer de juiste informatie en zal te laat en/of met minder kracht samentrekken. Blessures zijn dan niet meer ver weg.
Naast de zenuwvoorziening is ook de doorbloeding van weefsels belangrijk. Het bloed zorgt immers voor de aanvoer van zuurstof en voedingsstoffen en voor de afvoer van afvalstoffen. Bij afname van de doorbloeding, hoopt zich afval op en kunnen de cellen van de weefsels door gebrek aan zuurstof en voedingsstoffen niet meer functioneren. De fysiologie is dan verstoord. Als deze situatie lang aanhoudt, zullen er ook structurele veranderingen plaatsvinden. Houdt de situatie nog langer aan, dan bereik je uiteindelijk het punt waarop geen terugkeer meer mogelijk is naar de gezonde toestand.
Weefsel dat minder doorbloed wordt, heeft een verminderde weerstand en heeft dus meer problemen om bijvoorbeeld bacteriën en virussen te bestrijden, maar zal ook zwakker zijn en krachten die er op werken minder goed kunnen weerstaan. Hierdoor ontstaan bijvoorbeeld scheuren in spieren en ligamenten.
Door de bewegingsbeperkingen in de wervelkolom op te heffen, kunnen zenuwimpulsen onbelemmerd hun doel bereiken, waardoor weefsels en organen weer goed doorbloed en geïnnerveerd worden en daarmee weer goed gaan functioneren.
Voorbeeld casus Tommie
Tommie was een kruising Boerenfox van 5 jaar die meedraaide in de top van de behendigheid. Het was wel opgevallen dat de hond geleidelijk minder snel was geworden, maar dat werd geweten aan ‘’de leeftijd’’. De gemiddelde snelheid van deze hond was 4,9 m/s toen hij tijdens een wedstrijd op drie poten het veld afkwam. Links achter wilde hij niet meer belasten. De dierenarts stelde een blessure aan de voorste kruisband vast en gaf aan dat de hond nooit meer zou kunnen sporten. (De voorste kruisband is een ligament in de knie die overstrekken voorkomt en stabiliteit geeft.)
De hond werd aangeboden voor een second opinion en inderdaad was de knie wat instabiel, maar de kruisband was niet geheel door. Tommie werd chiropractisch behandeld, waarbij opviel dat niet alleen de knie, maar ook en vooral de rug behandeling nodig had. Na afloop kreeg de eigenaar adviezen en oefeningen mee voor Tommie om de knie weer stabiel te krijgen.
Een maand later won Tommie alweer zijn eerste wedstrijd met een gemiddelde snelheid van 5,2 m/s.
Dat lijkt geen groot verschil, maar op een parcours van 100 meter is dat meer dan een seconde sneller. Als je weet dat er gestreden wordt om honderdsten van seconden, is dat dus echt een enorm verschil.
Blokkades in de rug waren niet alleen de oorzaak van de lagere snelheid, maar ook van een verminderde doorbloeding van de ligamenten in de knie. De knie was minder belastbaar, maar wordt met behendigheid maximaal belast, met de blessure tot gevolg. Door het herstellen van de beweeglijkheid van de rug, kreeg de knie weer de benodigde doorbloeding en zenuwvoorziening, zodat die kon herstellen.
Onthoudt:
Een blessure ontstaat niet zo maar. Er is altijd een verminderde belastbaarheid van het weefsel door een verminderde beweeglijkheid elders in het lichaam.
Oorzaken en symptomen van vertebrale subluxatie complexen
Vertebrale subluxatie complexen kunnen ontstaan door zaken als trauma, lichaamsbouw, (sport)prestaties en dagelijkse activiteiten of juist het gebrek daaraan. Bij trauma moet niet alleen gedacht worden aan val- en vechtpartijen, maar ook aan microtrauma’s die ontstaan door repeterende bewegingen. Ook internistische problemen (aandoeningen van organen) kunnen een negatief effect hebben op het functioneren van de wervelkolom.
Klinische klachten die voortkomen uit chiropractische blokkades in de wervelkolom zijn logischerwijs nek- en rugpijn en (start)kreupelheden, maar ook ataxie (dronkenmangang), internistische problemen en probleemgedrag. Iedere beweging vraagt nu eenmaal om een nauwkeurig afgestemde neurologische coördinatie van het bewegingsapparaat. Als de zenuwvoorziening naar de spieren wordt verstoord, verloopt deze coördinatie niet optimaal. Gebrek aan spiercoördinatie resulteert in suboptimaal bewegen, wat weer kan leiden tot overbelasting van en beschadiging aan gewrichten, spieren en pezen.
Als de zenuwvoorziening en daarmee vaak de bloedvoorziening naar organen verstoord wordt, leidt dit tot suboptimaal functioneren van dat orgaan. Een vaak voorkomend voorbeeld hiervan is incontinentie.
Afhankelijk van de sport kunnen een scala aan symptomen voorkomen, bijvoorbeeld het weigeren van opvolgen van commando’s, weigeren sprongen of een ander toestel, te vroeg uit de slalom komen, niet goed inbijten, niet recht voorzitten, wijde bochten maken, verminderde snelheid, sneller afgeleid zijn, verminder uithoudingsvermogen, het apport laten vallen of niet aan willen pakken. Soms valt het in de trainingen nog niet op, maar juist wel in de dagelijkse bezigheden. De hond slaapt meer of heeft moeite met traplopen of in de auto springen. Terwijl de sprongen in de sport hoger zijn dan de instap van de auto. Dit kan te maken hebben met een warming up gehad hebben voor de training, waardoor het nog wel lukt. Maar vaker is het een kwestie van een hogere motivatie (de hond neemt de pijn voor lief of voelt het niet door de adrenaline).
Eigenlijk geldt: alles wat anders is dan anders, of dat nu het gangwerk, het gedrag, de uitvoering van het werk of de conditie is, is reden om de hond na te laten kijken. Schuif het niet af op ‘’de leeftijd’’ of ‘’hij is niet gemotiveerd’’ of ‘’hij is gewoon dominant aan het doen’’. Er is altijd iets aan de hand en als de gezondheid van de hond je lief is, laat je er zo snel mogelijk naar kijken.
Blokkades in de wervelkolom zullen altijd leiden tot compensaties in beweging of houding. Het dier kan proberen pijn te vermijden door zijn gewicht anders te verdelen of door bepaalde bewegingen niet meer te maken. Als de wervelkolom op één plek niet goed functioneert, levert dat een extra belasting op voor andere (wervel)gewrichten.
Zolang het dier kan compenseren, is het functioneel en vertoont weinig tot geen klachten. Het dier is gezond. Als de mogelijkheden voor compenseren zijn uitgeput, ontstaan de problemen: het dier gaat decompenseren. Decompensaties doen pijn en dat is dan ook vaak het moment dat het dier kreupel gaat lopen en de eigenaar ziet dat er iets mis is en naar een dierenarts gaat of anderszins hulp zoekt.
Het zou nu duidelijk moeten zijn dat alleen de pijnklacht behandelen weinig zin heeft: dat is alleen maar de plek waar het lichaam niet langer kon compenseren voor het oorzakelijke probleem. Uiteraard moet de klacht behandelt worden, maar het is essentieel dat vervolgens ook de onderliggende oorzaak wordt gevonden en behandelt. Chiropractie is dus een holistische therapie: het kijkt naar het lichaam als geheel. Het is geen geneeswijze; chiropractie is een manier van behandelen, het lichaam geneest zichzelf. Chiropractie maakt alleen maar de weg vrij voor het zelfgenezend vermogen van het lichaam.
Onthoudt: alles wat anders is dan anders, is reden om de hond na te laten kijken door een manueel therapeut.
Het ontstaan van VCS’s
De oorzaken van het ontstaan van VSC’s worden ook wel samengevat in de drie T’s:
trauma, tensie en toxines.
Toxines
Toxines zijn gifstoffen. Deze komen o.a. in het lichaam door verkeerde voeding, medicatie en het geven van vaccinaties en middelen tegen vlooien, teken en wormen. Als er te veel gifstoffen in het lichaam aanwezig zijn, verstoort dit de functie van organen en hopen afvalstoffen zich op. Dit zal na verloop van tijd terug te vinden zijn in o.a. het ontstaan van VSC’s.
Ook vanuit dit oogpunt is goede voeding dus essentieel voor de (sport)hond. Met beleid vaccineren en alleen die middelen en medicijnen geven die echt nodig zijn, is een ander belangrijk aspect om de hond gezond te houden en het ontstaan van VSC’s te beperken.
Tensie
Tensie is spanning, stress. Elke (sport)hond ervaart stress: positief of negatief, het blijft stress. De hond is actief en zal weefsels afbreken, beschadigen.
Het lichaam heeft een autonoom zenuwstelsel. Dit betekent dat het buiten de bewuste wil om gaat. Denk maar aan de hartslag en de vertering van voedsel. Dit autonome zenuwstelsel is onderverdeeld in een sympathisch en een parasympatisch deel. Het sympatische deel verzorgt katabole processen (afbraak) en zorgt voor actie, het verbruiken van energie en het afbreken van weefsel. Het parasympathische deel verzorgt de anabole (opbouwende) processen en staat voor rust, energiereserves aanvullen en het herstellen van weefsel. Deze twee delen zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden en houden elkaar in balans. Vergelijk het met een wip: dan overheerst de een, dan de ander.
Overdag overheerst in het algemeen het sympathisch zenuwstelsel; mens en hond zijn actief, er worden stoffen en weefsels afgebroken. In de nacht overheerst de rust en kan het parasympathisch zenuwstelsel werken aan het opbouwen en herstellen van weefsel. Krijgt weefsel te weinig tijd voor herstel, dan functioneert het niet meer naar behoren en op den duur leidt het ook tot structurele veranderingen met grote kans op het ontstaan van blessures. Een disbalans in het autonome zenuwstelsel uit zich ook in het ontstaan van VSC’s.
Uit dit alles blijkt hoe belangrijk het is voor honden om voldoende te rusten. De trend naar steeds meer wedstrijden en winter- en zomercompetities is vanuit dit oogpunt dan ook zorgwekkend.
Trauma
Zowel in het dagelijks leven als tijdens het sporten kan de hond een trauma oplopen. Bij een groot trauma, zoals ergens afvallen of tegenaan lopen, realiseren veel mensen zich wel dat er iets kapot kan gaan. Veel geniepiger is herhaald microtrauma: door zich herhalende bewegingen, worden weefsels steeds op dezelfde manier belast. Als er dan weinig tijd gegeven wordt voor herstel en daarnaast ook nog sprake is van verminderde weerstand en gezondheid van dat weefsel doordat de doorbloeding en de zenuwvoorziening aangetast is, hebben we het recept voor een blessure.
Bij trauma kun je denken aan pijn en het overstrekken van een spier. Reflexmatig zal de spier nu samentrekken. Dit geeft een eerste bewegingsbeperking van het betrokken gewricht. Het is een beschermingsmechanisme van het lichaam, om verdere schade aan het weefsel te voorkomen. Het gebeurd acuut, dat wil zeggen meteen. Deze acute fase duurt één tot zeven dagen.
Wordt de bewegingsbeperking niet meteen verholpen, dan zullen na één tot drie weken ook de bandjes, de zogeheten ligamenten gaan verkorten en daarmee de bewegingsbeperking verergeren.
Na drie weken zal het gewricht zelf aangetast worden en na gemiddeld drie maanden zijn er definitieve veranderingen in het gewricht.
Om microtrauma’s de kans te geven, is het belangrijk voldoende rust te nemen en het lichaam niet te eenzijdig te belasten. Het is goed om naast training voor de sport zelf, ook aan de basisconditie te werken. Daarnaast is het trainen en behouden van een goede rompstabiliteit een voorwaarde om verantwoordt te kunnen sporten.
Wat te doen bij een duidelijk trauma? Probeer de hond direct terug te brengen in de houding waarin het trauma gebeurde. Hiermee kunnen de overstrekte spieren zich ontspannen en daarmee worden de bewegingsbeperkingen voorkomen. Dit lukt natuurlijk lang niet altijd; daarom is het geven van pijnstilling essentieel.
Bij veel sporten zijn dierenartsen en/of dierfysiotherapeuten aanwezig die vaak bereid zijn even naar de hond te kijken. Helaas zijn zij niet getraind in het vaststellen en verhelpen van blokkades op spierniveau. Ga daarom alsnog zo snel mogelijk naar een manueel therapeut die de blokkades kan verhelpen. Afhankelijk van de tijd die verstreken is, gaat het dan dus om het opheffen van blokkades door spieren, ligamenten of van de gewrichten zelf.
Voorbeeld casus Mimi
Sheltie Mimi was bij een landing na het vangen van een frisbee naar op haar nek en voorhand terecht gekomen. Een dierenarts die ook deelnemer was, had de hond nagekeken en niets gevonden. Omdat de hond verder niet kreupel liep of stijf leek de volgende dag, waren ze gewoon door gegaan met trainen en wedstrijden. Nu, twee maanden later, liep ze kreupel op de voorhand. Ook nu kon de dierenarts niets vinden. Rust en pijnstilling hadden niet geholpen. Er waren voor de zekerheid röntgenfoto’s gemaakt, maar daar was niets op te zien dat het kreupellopen verklaarde.
Chiropractisch was de belangrijkste bevinding een bewegingsbeperking van de wervels op de overgang van de nek naar de borst. Dit geeft zowel een aantasting van de bloed- als van de zenuwvoorziening naar de voorpoot, wat de kreupelheid verklaarde.
Omdat er zoveel tijd verstreken was na het oorspronkelijke trauma, was een tweede behandeling en een revalidatieperiode nodig, maar daarna kon Mimi gelukkig terug de sport in.
Onthoudt: ga na een trauma altijd naar een manueel therapeut. Dierenartsen en dierfysiotherapeuten zijn niet opgeleid om deze subtiele bewegingsbeperkingen vast te stellen en te verhelpen.
Chiropractisch onderzoek
Na de anamnese (het vraaggesprek waarin gevraagd wordt naar de ziektegeschiedenis) en een beoordeling van houding en gangwerk, volgt palpatie (het afvoelen) van de wervelkolom en de extremiteiten. Hierbij wordt gelet op verschillen in temperatuur, spierspanning en pijnreacties. Een orthopedisch en neurologisch onderzoek wordt in principe geïntegreerd in het chiropractisch onderzoek. Vervolgens wordt elk gewricht afzonderlijk onderzocht en beoordeeld op de beweeglijkheid.
Voorbeeld casus Hector en Nero
Soms komt er in de anamnese niets bijzonders naar voren. Er zijn geen trauma’s en de hond presteert naar verwachting. Toch kunnen er al bewegingsbeperkingen aanwezig zijn, zoals blijkt uit het verhaal van Hector en Nero, twee kruising Mechelaars die actief waren in de politiehondensport (KNPV). De eigenaresse was de hoofdinstructrice en geloofde niet zo in de chiropractie. Ze had geen klachten, maar wilde wel eens zien hoe dat in zijn werk ging en horen wat er te vinden was.
Na het onderzoek van beide honden, stelde ik de vraag of de honden soms met een onervaren pakwerker aan het werk waren geweest?
De kaakgewrichten van beide honden waren namelijk behoorlijk geblokkeerd, wat er op duidde dat de pakwerker de honden blokkeerde bij het inbijten, in plaats van mee te draaien. Verdere navraag leerde ook dat de honden minder goed inbeten, maar dat was de nieuwe pakwerker niet opgevallen.
Voorbeeld casus Walter
Walter is een jonge, enthousiaste labrador die voor de jacht getraind wordt. De eigenaresse komt al jaren voor chiropractie bij problemen, maar ook regelmatig voor preventieve controle. En dit keer niet voor niets. Na onderzoek was duidelijk dat de hond een trauma gehad moest hebben; misschien een keer over de kop gegaan met spel?
Bij de controle vertelde mevrouw me dat ze zich later herinnerde dat de hond een week of vier voor het eerste consult over een greppel had willen springen, het niet haalde en met de kop voorover gebogen tegen de opstaande wal geklapt was. Walter had zich alleen even uitgeschud en was verder gegaan met zijn werk. Ze dachten dus dat het geen gevolgen had gehad en waren het verder vergeten.
Onthoudt: ook als de hond geen problemen lijkt te hebben na een duidelijk trauma, laat hem zo snel mogelijk onderzoeken.
Chiropractische behandeling en nazorg
Na de inventarisatie van de problemen, moet bepaald worden welke blokkades behandelt moeten worden en in welke volgorde. Het is te eenvoudig om te stellen: ‘’alles wat vast zit moet los’’. Behandeling van blokkades heeft een directe invloed op het centraal zenuwstelsel. Door zowel een keuze te maken welke blokkades wel en welke niet te behandelen, in welke volgorde en met welke techniek, kunnen we een optimaal effect bereiken. Gebeurd dit onzorgvuldig, dan is de behandeling minder effectief en mogelijk zelfs schadelijk voor het dier.
De gevonden blokkades kunnen op twee manieren behandeld worden.
- mobilisatie
Hierbij wordt het gewricht bewogen binnen het normale bewegingsbereik, waardoor de normale beweeglijkheid hersteld wordt.
- adjustment
Bij een adjustment wordt op een specifieke plaats kort, snel en in een specifieke richting een kracht uitgeoefend op het gewricht waardoor de beweeglijkheid hersteld wordt.
Hoewel het effect van de behandeling soms direct na de behandeling zichtbaar is, heeft zowel het zenuwstelsel als het aangedane weefsel of orgaan tijd nodig voor herstel. Na de behandeling is het dan ook raadzaam om het dier minimaal drie dagen tot een week rust te gunnen. Meestal is één behandeling voldoende, maar soms zijn meerdere sessies nodig voor volledig herstel optreed. Bij structurele problemen zoals heupdysplasie of spondylose is genezing natuurlijk niet mogelijk, maar kunnen onderhoudsbehandelingen deel uitmaken van het totale behandelplan en zorgen voor een duidelijke verbetering in kwaliteit van leven en minder gebruik van medicatie.
Tot slot krijgt de eigenaar adviezen voor revalidatie, voeding en training, afhankelijk van de ernst en duur van de problemen en het gebruiksdoel van het dier.
Resultaten en prognose
De resultaten zijn uitstekend; als het een chiropractisch probleem is, wordt dit in 1-2 behandelingen verholpen. Zijn er meer behandelingen nodig, dan moet er van uitgegaan worden dat er een onderliggende oorzaak is. Vaak betreft dit onderliggende pathologie, zoals een gescheurde kruisband, spondylose of het niet goed functioneren van een of meer organen.
Meestal wordt dit al tijdens het eerste consult vastgesteld door middel van het orthopedisch en/of neurologisch onderzoek. Soms zijn er echter zoveel compensaties en decompensaties, dat het werkelijke probleem overschaduwd wordt. Pas nadat die secundaire problemen behandelt zijn, laat het lichaam dan het echte, primaire probleem zien. Daarom kan het dus gebeuren dat er bij het tweede consult alsnog geadviseerd wordt om een bijvoorbeeld een röntgenfoto te maken of bloedonderzoek te doen.
Niet alles is een chiropractisch probleem
Zoals uitgelegd zijn er verschillende oorzaken voor het ontstaan van VSC’s. Met name bij onderliggende problemen met de organen en ingewanden zal chiropractie onvoldoende werken. Ook bij structurele problemen, kan chiropractie slechts ondersteunen. Chiropractie is dan ook nooit een vervanging van de reguliere zorg, maar een waardevolle aanvulling in diagnostiek en behandeling van met name aandoeningen van het voortbewegingapparaat. Dit is een van de redenen dat chiropractie in de handen van dierenartsen en dierfysiotherapeuten moet zijn: zij zijn opgeleid om te bepalen of chiropractie geïndiceerd is of dat er verder onderzoek en behandeling nodig is door bijvoorbeeld dierenarts of specialist. De verhalen van Max en Lili illustreren dit.
Onthoudt: Chiropractie is geen vervanging van de reguliere zorg, maar een waardevolle aanvulling in diagnostiek en behandeling.
Voorbeeld casus Max en Lili
Max en Lili waren 2 honden die kort na elkaar met hun eigenaar in de praktijk kwamen met dezelfde klacht: moeite met in de auto springen. Max was een boxer reu van 3 jaar oud en Lili een kruising die nog het meest weg had van een dwergpoedel en 5 jaar oud. Beiden hadden problemen in het bekkengebied, wat de klacht verklaarde, maar opvallender was de stijfheid in de wervelkolom bij beide honden.
Het bleken beide geen zuiver chiropractisch probleem. Max bleek na het maken van een röntgenfoto spondylose te hebben en krijgt nu regelmatig een chiropractische behandeling om hem comfortabel te houden met zijn beperking.
Lili daarentegen bleek chronische maagdarmklachten te hebben en was beter af met andere begeleiding, al krijgt ook zij regelmatig een onderhoudbehandeling chiropractie om te zorgen dat de rug niet te veel te lijden heeft van de problemen met het maagdarmkanaal.
Auteur
Anneke Schellingerhout, holistisch werkend dierenarts